Dodenherdenking 2015

Namens de Raad van Kerken mocht Mary Bregman spreken bij de dodenherdenking 4 mei jl. in het Griftland college te Soest en een krans leggen in de functie van dominee Vrijzinnigen Soest. Hieronder volgt de toespraak, die tevens gaat over een aantal mensen van onze geloofsvereniging die zelf geëxecuteerd zijn.

                                    


Jaarthema 2015, 4 mei Soest.

Binnen het meer jaren thema Vrijheid geef je door legt het Nationaal Comité in 2015 het accent op de bevrijding van 1945 en wat we nu nog van deze bevrijding kunnen leren. Prof. Mr. dr. Maurice Adams, heeft hiervoor een verdiepende tekst geschreven. De titel van zijn thematekst luidt: Wie de ogen sluit voor het verleden, is blind voor de toekomst.’ Deze titel slaat de spijker op zijn kop. Niet-herinneren of vergeten (voor zover dat mogelijk is), belemmert ons zicht op het heden en op de toekomst.

Hoe doen we dat?
Tot nu toe werd er naar een manier van gezocht om de 2e WO een ‘impact’ te geven, die ons doet beseffen dat al het lijden, de vernietigingen, de Holocaust niet voor niets is geweest. En de bekende uitspraak ‘Dit nooit weer”. Ernstig genoeg gaan oorlogen en deportaties door, op heel veel locaties ter wereld zijn er geen lessen zijn getrokken en het moorden stopt niet. Lijden en oorlog in zichzelf zijn van een totale zinloosheid en inherent aan de menselijke soort.

Verhalen over mensen die proberen tegen de gekte in te overleven en uit niets, iets van betekenis te maken voor hun medemens moeten worden doorverteld. Deze feiten geven ons nu, vandaag handvatten mee als inspiratie, als voorbeeld te dienen voor het juiste handelen, opdat de oorlog zich niet en nooit meer herhaalt en de bevrijding eeuwig mag voortduren. Wat mij bijstaat is het bericht vorig jaar uit Syrië, over de 75 jarige jezuïet, pater Frans van der Lugt die al 50 jaar in het midden Oosten in Libanon en Syrië, werkend en woonachtig in Homs, op 7 april met 2 kogels door zijn hoofd is afgeslacht. De man die met vallen en opstaan, door grassprietjes tussen de trottoirtegels te trekken soep probeerde te koken voor de achtergebleven zieken en gehandicapten in de belegerde stad Homs.
Dit is maar 1 verhaal van de ontelbare. Of de Nederlands-Indische meneer in mijn gespreksgroep die 51 jaar na dato zich pas vrij voelde om te getuigen van sadistische moordpartijen aan de Birma Spoorweg. Toen pas viel er een loodzware last van zijn schouders en bevrijdde hij zichzelf.

101 jaar geleden werd de joodse vrouw en schrijfster Etty Hillesum geboren, in haar werk is er veel aandacht voor haar zingeving en duiding van het leven tijdens de oorlog en in het kamp Auschwitz. In allerlei schrijfgroepen wordt haar werk, haar daden, haar denkwijzen gebruikt om te herinneren en te inspireren hoe we het niet willen, en tegelijkertijd, ontsluit het een toegang tot onze morele waarden. Zij kreeg bekendheid door de publicatie van haar dagboek, “Het verstoorde leven, en brieven uit Westerbork”, 38 jaar nadat zij in Auschwitz werd vermoord.

Beroemde inspirerende woorden van haar zijn:
“De omstandigheden, het goede en de slechte moet men aanvaarden…, Wat niet belemmert dat men zijn leven Er aan kan wijden, De slechte te verbeteren”. Wie de ogen sluit voor het verleden, is blind voor de toekomst. 


Waarom herinneren van verhalen ‘Vrijheid’ ontsluit?  Waarom zijn die belangrijk?
Wij, mensen leven van verhalen. Het begint al in de vroege kindertijd, wanneer onze ouders, opa’s en oma’s, leraren of leraressen op school in de kerk, synagoge of moskee verhalen vertellen in de vorm van sprookjes, religieuze verhalen, familieverhalen of verhalen uit andere culturen. Verhalen vertellen hebben een functie. Ze leren ons over het leven, over samenleven, over hoe het in de wereld eraan toe gaat. Sprookjes bijvoorbeeld, behelzen een schat aan levenslessen. Ze gaan over dromen, wensen, keuzes, angsten, verlies, verlossing, vertrouwen, verbinding en overgave. Hierin besloten liggen normen en waarden die we (on)bewust in ons hoofd en hart opslaan. We vinden verhalen in woord en beeld in boeken, films, sociale media, kunst of binnen ons gezin en familie. Ze zijn allemaal bronnen die ‘ons collectief’ geheugen vormen, ons denken en doen. Samen bepalen ze onze interpretatie van de wereld om ons heen, ons mensbeeld en zelfperceptie. Ze helpen ons onderscheid te maken tussen goed en kwaad; het vormt onze moraal. Tegenwoordig gebeurt dat ook door middel van social media schrijven wij onze verhalen.

Anno 2015 bouwen wij voort op levenservaringen, geopenbaard in herinneringen en verhalen uit ons persoonlijk en andermans leven. Dat kan alleen maar als we toestaan de functie van ‘herinneren’ ruimte te geven. Herinneringen aan ingrijpende, verdrietige ervaringen zijn moeilijk en soms (te) zwaar of intens. Ze kunnen door generaties heen ontwrichtend uitwerken. Aan de andere kant creëren herinneringen over kracht, geluksmomenten en positieve ervaringen, mogelijkheden die een mens in zijn of haar leven ‘even optillen’; een nieuwe kijk op de zaak ontsluiten. Het is essentieel hoe je als mens omgaat met herinneringen: ‘Wat doe je ermee, waarom ga je die confrontatie met een herinnering aan?, Waarom niet en waarom wel?, Welk perspectief opent zich?’

In onze families zijn de eerste generatie getuigen van de bevrijding van de Duitse en Japanse onderdrukkers schaars aan het worden. We hebben andere bronnen nodig om de herinnering levend te houden. Er worden non stop films, games, documentaires, boeken fictie en non-fictie over oorlogen en oorlogsherinneringen binnen families, zelfs selfies uit oorlogs-en geweldgebieden komen via onze telefoon binnen. Ze trickeren aan een werkelijkheid die we niet in het echt willen meemaken. Maar die tegelijkertijd wereldwijd en ook hier bij ons dichtbij en actueel is. Er komen gedachten naar boven over keuzes die onze ouders of voorouders hebben gemaakt. Er gaat een appèl van uit, waar wij ten diepste voor staan, juist als het er écht op aan komt. De functie van het herinneren en steeds opnieuw zien van beelden over oorlogen en vernietiging, bepaalt ons bij de huidige actualiteit. In Nederland komt onze vrijheid steeds meer onder druk te staan, door onder andere de recente gebeurtenissen in Frankrijk, België en Denemarken.

Deze herdenking herinnert ons aan wat we willen voorkomen, dat we geen mensenlevens willen opofferen. Dit doet ons beseffen welke moreel handelen, we belangrijk vinden om onze democratische rechtsstaat vorm te blijven geven en te beschermen. 5 mei zijn er bevrijdingsfestivals door het hele land, we vieren feest en herinneren dat we nooit meer in oorlog willen leven, in verdrukking, onder bezetting. Het raakt aan een bewustzijn dat leven in vrijheid en de betekenis van de bevrijding van zeventig jaar geleden, 7 x 10 jaar, zolang is dat nog niet geleden, nog steeds moet worden onderhouden en gekoesterd. We willen niet leven in een samenleving waar mensenrechten worden geschonden en mensenlevens worden vernietigd. Leven in vrijheid en de betekenis van de bevrijding geven ons handreikingen om scherp te zijn op uitingen en signalen die onze vrijheid bedreigen.

Hierbij noem ik het competitieduel FC Utrecht-Ajax. Op 5 april jongstleden scandeerden supporters op de Bunnikside, dat is de tribune met de harde supporterskern, van de club, teksten als ‘Mijn vader zat bij de commando’s, mijn moeder bij de SS. En samen verbranden zij Joden, want die Joden die branden het best.’ Het Openbaar Ministerie heeft een onderzoek ingesteld er is aangifte gedaan. Ik gaf op de facebook pagina van Het Parool een reactie op deze racistische gebeurtenis. Namelijk zero tolerance. Van wildvreemde jonge mensen kreeg ik insinuerende dreigende opmerkingen dat ik me hiermee maar niet moest bemoeien. Deze week las ik dat er een medewerker uit het Zuiden van ons land is ontslagen na zijn racistische uitingen op facebook en twitter. De nationaal socialistische uitspraken uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw staan anno 2015 letterlijk voor onze neus. Met dit verschil dat we nu weten en elke dag zien hoe racisme, uitsluiting leiden tot vernietiging tot de hel. We kunnen niet zeggen, dat we naïef zijn. Geen excuses, we wetten wat er 7 x 10 jaar geleden is gebeurd en dat wij zijn bevrijdt van de ondergang van een racistisch totalitair, nazistisch systeem.

Geen tijd voor verstilling, maar luidkeels protest. En tegelijkertijd wel innerlijke verstilling over wat we elkaar aandoen als mensheid.

Vrijheid geef je door, door scherp en alert te blijven. Wie de ogen sluit voor het verleden, is blind voor de toekomst. 

Herinneringen aan verhalen, helpen ons nadenken over vrede en veiligheid, kunnen ons krachtbronnen bieden om intimidatie niet toe te laten. Het zijn ankers om voor je ethische principes te gaan staan. Dit heeft als doel; het bewaren en steeds opnieuw vormgeven van onze vrede, veiligheid en vrijheid. Dat vraagt bewustwording en een alertheid: elke keer opnieuw zoekend naar de juiste weg, rekening houdend met de realiteit van 2015.

Vandaag sta ik hier op uitnodiging van de Raad van kerken en sta als predikante, in een geschiedenis van mensen die daden voegden bij hun woorden en hun overtuiging voor de vrijheid. Als wij zo meteen vanuit het Griftland College naar het monument lopen, gaan onze voetstappen over de Inspecteur Schreuderlaan. Deze laan is vernoemd naar Inspecteur Aris Frederik Schreuder, korpschef van de gemeentepolitie Soest van 1928-1942. Hij is geëxecuteerd is op 4 november 1942 in concentratiekamp Neuengamme. Hij was in 1941, toen hij gearresteerd werd, voorzitter van de NPB, nu vrijzinnigen Soest in de Rembrandtkapel. Hij weigerde mee te werken met de bezetter. In museum Oud Soest hangt een brief van het afhandelingsbureau… je gelooft je oren en ogen niet….. afhandelingsbureau concentratiekampen.

Kort na zijn arrestatie werd ook de zoon van de secretaris en penningmeester, de heer Schuylenburg, gearresteerd en ook hij is nooit meer teruggekeerd. Vervolgens kwam in 1942 ds. Goorhuis, mijn collega voorganger, naar de NPB Soest en ook hij moest Soest verlaten en onderduiken in verband met zijn betrokkenheid, als auteur, bij een illegale krant.

Deze mensen uit mijn geloofsvereniging hebben net als heel veel anderen laten zien dat vrijheid moed vraagt en zich niet door angst laat leiden. In museum Oud Soest hangt deze handdoek, als tastbaar bewijs, uit het concentratiekamp Neuengamme, een ontroerend bewijsstuk. Vrijheid is niet voor watjes.

Wie de ogen sluit voor het verleden, is blind voor de toekomst.

Durf in herinnering aan het verleden óp te staan en te handelen tégen woorden en daden die onze vrijheid ondermijnen. Jong en oud hebben hier volgens mij een concrete taak in. Elk mens (uitzonderingen daargelaten) heeft de mogelijkheid en verantwoordelijkheid om het kwade om te keren in het goede. Vrijheid geef je door: Hoe kwetsbaar is vrijheid, hoe wezenlijk respect?

Vrijheid is nooit onbegrensd, je kunt vrij zijn in je huis of tuin, maar er staan muren en een hek, de begrenzing is er altijd, in ons dagelijks leven is er begrenzing, vast gelegd in de grondwet en in het strafrecht en burgerlijk wetboek. Vrijheid geef je door….Onze vrijheid is gebouwd op wederkerigheid, dat houdt in dat we niet uitsluiten, we discrimineren niet, we stigmatiseren niet, we laten ruimte om de ander te laten zijn wie hij of zij is. Een ander gunnen zichzelf te zijn in onderling respect.

Het begint bij jezelf, in het gezin, op school, in het klein, op straat. Alleen met elkaar kunnen we het verleden omkeren door samen op weg te gaan in verbinding en in respect. Daarmee doen we recht aan de bevrijding van elke oorlog of onderdrukking. Laten we elke dag opnieuw beginnen en de verhalen duizendmaal herhalen, waarin de bevrijding als verlossing is gekomen en deze omzetten in grond en vesting van onze vrijheid nu.

Ik wil graag een ingekorte versie u het beroemde gedicht Vrede van de vorig jaar overleden wetenschapper en dichter Leo Vroman doorgeven. Leo Vroman 1945 kwam, na in de Tweede Wereldoorlog in een Jappenkamp terecht. Zijn gedicht Vrede weerklinkt de waanzin van oorlog. En het diepe  verlangen naar Vrede.


Vrede.

Komt een duif van honderd pond,
een olijfboom in zijn klauwen,
Bij mijn oren met zijn mond
Vol van koren zoete vrouwen,
Vol van kirrende verhalen
Hoe de oorlog is verdwenen
En herhaalt ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.

Vrede, vrede….

want het scheurende geluid
waar ik van mijn lief mee scheidde
schrikt mij nu het bed nog uit
waar wij soms in dromen beiden
dat de oorlog van weleer
wederkeert op vilte voeten,

dat we, eigenlijk al niet meer
kunnend alles, toch weer moeten
liggen rennen en daarnaast
gillen in elkanders oren,
zo wanhopig dat wij haast
dromen ons te kunnen horen.

Mag ik niet vloeken als het vuur
van een stad, sinds lang herbouwd,
voortrolt uit een kamermuur,
rondlaait en mij wakker houdt?

Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen,
en herhaal ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.